Omdat het ziekteverzuim een seizoeneffect kent (meer verzuim in de winter) vergelijkt het CBS cijfers met dezelfde kwartalen in voorgaande jaren. Als gebruikelijk ligt het verzuim in de zorg hoger dan andere sectoren. In het eerste kwartaal van 2025 komt het verzuimpercentage in de zorg uit op 8,1 procent (was: 7,8 procent). In heel Nederland is dit 5,8 procent.
Het hoogste verzuim doet zich net als afgelopen jaren voor in de VVT (9,7 procent). De ggz schoot omhoog van 7,7 naar 8,3 procent. Volgens Arbeidsdeskundigen weerspiegelt dit de dubbele belasting voor medewerkers in de ggz: zij ervaren zelf een hoge werkdruk en staan tegelijkertijd in dienst van anderen met psychische problematiek.
Top 3 oorzaken
In 2024 waren griep, verkoudheid en andere virusinfecties de meest genoemde redenen van ziekteverzuim onder werknemers (ruim de helft). Ook psychische klachten, overspannenheid en burn-out worden vaak genoemd (8 procent). Op een gedeelde derde plaats staan buikklachten en hoofdpijn (beide bij 5 procent). Dit zijn resultaten uit de jaarlijkse Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) van het CBS en TNO.
Werkgerelateerd verzuim vrijwel gelijk
Het aantal werknemers waarbij afwezigheid in 2024 deels of helemaal het gevolg was van werk, bleef vrijwel gelijk (22 procent). Belangrijkste oorzaken zijn: een hoge werkdruk (27 procent), besmetting op de werkvloer (15 procent) en fysiek zwaar werk (12 procent).
