Hoe regel je zeggenschap in jouw instelling? FBZ maakt een rondgang langs verschillende zorgprofessionals die hier ervaring mee hebben. Verslavingsarts Gabriëlle de Ruiter vertelt hoe zij samen met collega’s en hulp van de LAD een medische staf oprichtte bij haar instelling IrisZorg.
“Voor de oprichting van de medische staf waren de artsen in de organisatie niet goed georganiseerd”, vertelt De Ruiter. “We hadden geen plek in de organisatie en liepen daar ook tegenaan.” Hoewel ze toen ook al zeggenschap wilden organiseren, botsten De Ruiter en haar collega’s met de toenmalige raad van bestuur. “Wij hadden niet dezelfde visie over inspraak en stonden echt tegenover elkaar”, aldus De Ruiter. “Toen een belangrijk bestuurslid vertrok, wisten we: dit is het moment dat we onszelf op de kaart moeten zetten.”
Andere taal leren
Dat deden ze, met behulp van een coach van het LAD-traject Arts aan de bestuurstafel, een positioneringstraject waarbij de LAD artsen intensief begeleidt bij het opzetten van een professioneel inspraakorgaan. “We hadden tijdens een eerder traject bij de LAD gemerkt hoe fijn het is dat er iemand die verstand heeft van het bestuurlijke met je meedenkt. Zo’n bestuurder praat echt anders dan jij als arts. Dus dat is echt een soort tweede taal die je moet leren”, vertelt De Ruiter.
Concrete ondersteuning
Precies daar hielp het traject bij. “Ik ben een doener en wil vaak veel te snel gaan. Maar met een bestuur moet je meer vooruitkijken en -denken. De coach ondersteunde ons daar heel concreet bij. Bijvoorbeeld door te helpen met ons jaarplan of ons voor te bereiden op een belangrijk gesprek. Ze wist dan al dat de bestuurder bepaalde vragen ging stellen en oefende met ons mogelijke antwoorden.”
Aangeven wat je nodig hebt
Inmiddels is de medische staf bij IrisZorg een feit en hebben De Ruiter en collega-artsen meer inspraak en invloed op het medische beleid van de organisatie. Zowel collega’s als bestuurders weten hen steeds beter te vinden. Hoewel De Ruiter eerst nog twijfels had over het belang van zeggenschap, zijn die inmiddels weggenomen. “Het levert uiteindelijk veel op. Je voelt je niet alleen gehoord en gezien, maar ik begrijp ook beter hoe bestuurders naar ons als artsen kijken en wat ze van ons nodig hebben”, zegt De Ruiter. “En wij kunnen als dokters beter aangeven wat wij nodig hebben. Dat levert ook echt wat op voor het werkplezier, want dat maakt de samenwerking zoveel leuker.”
Gabriëlle de Ruiter is lid van de LAD, de landelijke vereniging van artsen in dienstverband. Zeggenschap is een belangrijk speerpunt van de LAD. Om artsen te ondersteunen zeggenschap in hun instelling te organiseren biedt de LAD onder meer het traject ‘Arts aan de bestuurstafel’ aan. Meer weten? Kijk dan op de website van de LAD.
